Een ogenblik geduld a.u.b.

CIJFER VAN DE WEEK // Alleenwonen komt steeds meer voor, gehuwd samenwonen steeds minder

door Koen Snyers

Tussen 2000 en 2020 evolueerde het landschap van meest voorkomende gezinsvormen in Limburg heel sterk. Dat leiden we af uit de evolutie in de cijfers van de private huishoudens.

24 september 2020

Wat is de top vijf van meest voorkomende gezinsvormen in 2020?

Op 1 januari 2020 staat alleenwonen op plaats één: alleenwonenden maken dan in Limburg al 28,7% uit van alle huishoudens. Verder volgen de gehuwde paren zonder kinderen (24,3%), gehuwde paren met minstens één minderjarig kind (14,7%), gehuwde paren met enkel meerderjarig(e) kind(eren) (9,7%) en ongehuwde samenwonende paren zonder kinderen (6,1%).
In 2000 zag de volgorde van die top vijf van meest voorkomende gezinsvormen er nog helemaal anders uit: gehuwde paren met minstens één minderjarig kind op één, gehuwde paren zonder kinderen op twee, alleenwonenden op drie, gehuwde paren met enkel meerderjarig(e) kind(eren) op vier en eenoudergezinnen met enkel meerderjarig(e) kind(eren) op vijf.

Gehuwd samenwonen verliest terrein aan andere gezinsvormen

Als we de gezinsvormen wat meer bundelen in de hoofdvormen alleenwonen, gehuwd samenwonen, ongehuwd samenwonen en eenoudergezin zijn, dan stellen we vast dat gehuwd samenwonen tussen 2000 en 2020 in Limburg erg veel terrein verliest: in 2000 was nog 64,6% van alle huishoudens een gehuwd paar, in 2020 is dit nog 48,7%. Omgekeerd zien we de andere gezinsvormen toenemen: ongehuwde paren (van 4,6% naar 12,6%), alleenwonenden (van 21,5% naar 28,7%) en eenoudergezinnen (van 7,9% naar 8,4%).

Steeds meer huishoudens zonder kinderen

Als we kijken hoeveel procent van de huishoudens zonder kinderen zijn, evolueert dit tussen 2000 en 2020 van 48,3% naar 59,1%. Dit is vooral op het conto te schrijven van het toenemend aandeel alleenwonenden, maar ook van het stijgend aandeel ongehuwde paren zonder kinderen.

Check het cijfer van de week in de databank